Accountants zijn vandaag eerder fiscale en strategische raadgevers dan pure administratieve boekhouders

Freddy Michiels
Accountancy & Fiscaliteit
Dirk Osaer
Luc Sterkens
Patrick Vanden Bosch
Brian Vintioen
Paul Vissers
DIrk Noeninckx
Eddy Dobbelaere
De Vos Thierry
Dirk Beunen
Bart Apers

Als de crisis het bedrijfsleven iets geleerd heeft, dan is het wel dat boekhouding, dossierkennis, cijferbeheersing en cijferinterpretatie ook voor kmo’s levensbelangrijk zijn. Het beroep van de expert accountant is de voorbije jaren sterk geëvolueerd, onder invloed o.a. van de automatisering en de elektronische hulpmiddelen die vandaag het bedrijfsleven ter beschikking staan. De klassieke boekhouder is geleidelijk aan geëvolueerd naar een strategische raadgever op basis van de behaalde en begrote resultaten.

We wilden dit polsen aan de werkelijkheid en nodigden naar jaarlijkse traditie enkele experts uit op een ontbijtvergadering in het Novotel te Antwerpen.  Gaven gevolg aan onze uitnodiging:

Bart Apers (Vanhuynegem Associates)
Dirk Beunen (PKF accountants en belastingconsulenten)
Thierry De Vos (Kluwer)
Eddy Dobbelaere (Desk Solutions )
Dirk Noeninckx (KPMG Fiduciaire)
Dirk Osaer (BDO Accountants)
Luc Sterkens (ST & P bvba)
Patrick Vanden Bosch (Fiduciaire Antwerpen)
Brian Vintioen (Dacas)
Paul Vissers (Antwerpse Fiducia)

We waren zeer benieuwd om hun visie op de toekomst van hun beroep te kennen en luisterden zeer aandachtig naar de adviezen die zij de kmo’s konden meegeven om vanuit een correcte boekhoudkundig een beter inzicht te krijgen in de welvaart en het welzijn van hun bedrijf. 

VRAAG 1

Is het voorbije jaar – al dan niet als een gevolg van de crisis – veel veranderd voor een accountant?

Dirk Beunen: Eigenlijk niet. Echt veranderd is er niets. Er is wel veel geëvolueerd, waarbij een deel van het werk van de overheid overgeheveld werd naar de accountants. Wij nemen vandaag een grotere verantwoordelijkheid dan in het verleden gebruikelijk was.

Luc Sterkens: De overheid heeft een stuk van zijn administratie verleerd. Wij doen nu een deel van het papegaaienwerk dat zij vroeger deden. 

Paul Vissers: De invoering van het digitale tijdperk, de internetmogelijkheden om aangiften te doen bijvoorbeeld zijn een belangrijke verandering in het werk dat van ons verwacht wordt. 

Dirk Noeninckx: Alles gebeurt ondertussen bij ons elektronisch, ook de aangiften bij de overheid. De meeste accountantskantoren hebben deze evolutie vrij snel en consequent gevolgd. 

VRAAG 2

Heeft de overheid een bepaalde software opgelegd?

Brian Vintioen: Neen, de keuze van de software is voor iedereen vrij zolang deze de richtlijnen van de overheid voor aangiften volgt vanzelfsprekend.

Patrick Vanden Bosch: We hebben wel meer werk gekregen maar niet minder tijd om ons werk uit te voeren en af te leveren.

Luc Sterkens: Integendeel, de overheid heeft meer tijd gekregen met als gevolg dat ze sneller controles uitoefenen, ook bij kleinere bedrijven. Ze kunnen veel sneller op de bal spelen. 

Dirk Beunen: In feite is dit een vooruitgang en geeft dit de belastingplichtige sneller de nodige rechtszekerheid.

Dirk Noeninckx: Ook wij realiseren toch wel een bijzondere tijdwinst om kmo’s te begeleiden. Wat moesten wij vroeger allemaal niet doen om jaarrekeningen te deponeren,  Wie herinnert zich nog de uren aanschuiven om een handelsregister te bekomen voor een nieuw bedrijf. Dat is allemaal bijzonder vereenvoudigd en dat is maar goed ook. Het is een enorme vooruitgang.

Thierry De Vos: Op niveau van de wetgeving verandert er wel zeer snel zeer veel. Om een voorbeeld te geven, wij  hebben bij Kluwer momenteel twee auteurs die fulltime schrijven rond de steeds wijzigende btw-wetgeving. Daarnaast moeten we onze softwareoplossingen steeds sneller aanpassen en opleveren.

Eddy Dobbelaere: Klanten – de bedrijven dus – worden gedwongen om zich beter technisch te vormen. Ze hebben geen alternatief, ze moeten constant bijsturen om de massa’s informaties, regelgevingen e.d. te verwerken in hun bestuursactiviteiten.

Brian Vintioen: Wij zijn gespecialiseerd in alles wat qua boekhouding en fiscaliteit de diamantsector betreft. De boekhouding op zich is niet verschillend in vergelijking met andere bedrijven maar de diamantsector heeft wel een apart fiscaal plan. 

Freddy Michiels: Is de specifieke regelgeving die de overheid toestaat voor de diamantsector ingegeven om de vergelijkbaarheid en de concurrentie met sommige buitenlandse vestigingen in fiscaalvriendelijke landen te kunnen doorstaan? Met andere woorden: hebben deze maatregelen als doel de diamantsector in ons land te houden?

Brian Vintioen: Fiscaalvriendelijkheid is niet alles waar de diamantsector op rekent. De stabiliteit van een land is ook van groot belang. Ik zie de diamantsector nog niet snel uit Antwerpen weggaan.

Dirk Noeninckx: Ik zie de veranderingen die ons beroep het laatste jaar ondergaan heeft als volgt. Ten eerste: vandaag verwachten 7 klanten op de 10 van ons dat we hen begeleiden. We zijn opnieuw accountants geworden van wie verwacht wordt dat ze de bedrijven advies geven in een te nemen visie. Ten tweede: Mensen willen zekerheid in het algemeen en verwachten die ook via ons te bekomen. En ten derde: vroeger stonden banken aan te schuiven om leningen of kredieten te mogen aanbieden. Nu moeten er veel inspanningen gedaan worden om een krediet of lening te kunnen bekomen. 

Brian Vintioen: Daar komt bij dat klanten veel kritischer geworden zijn. Er worden ons meer details gevraagd dan vroeger. De meeste van onze klanten zijn veel ernstiger met de cijfers bezig dan vroeger. 

Thierry De Vos: Dat is natuurlijk geen slechte evolutie. De crisis heeft de bedrijfsleiders verplicht stil te staan bij de cijfers, prognoses te maken aan de hand van die cijfers. De moderne bedrijfsleider kan niet meer wachten tot de cijfers in de boekhouding verwerkt zijn maar vanaf een offerte moet hij weten of zijn marges goed zitten. 

Dirk Noeninckx: Aan ons wordt zelfs gevraagd om aan de hand van de resultaten van de eerste drie maanden een forcast, een prognose te maken, een verwachtingspatroon voor de volgende negen maanden. Dat is veel meer dan wat vroeger gevraagd werd.

VRAAG 3

Klopt de slogan: “Accountancy: meer werk, meer fraude maar lagere tarieven!”, zoals geformuleerd door het Financieel Dagblad? Volgens de (Nederlandse) krant heeft de economische crisis ervoor gezorgd dat bedrijven vaker rondkijken voor ze een opdracht aan een accountantskantoor uitbesteden. De grote kantoren moesten vorig jaar op de prijs concurreren. Gevolg: lagere winstmarges. Is dat ook de ervaring van de panelleden?

Dirk Beunen: Naar mijn ervaring blijft het bestaand cliënteel erg trouw. Het lijkt mij dat klanten, terecht, kwaliteit eisen voor hun geld. Op het ogenblik dat je als accountant kwaliteit aanbiedt is de prijs op zich geen issue. Voor nieuwe klanten ligt dat anders, met een correcte prijs alleen haal je het niet altijd, er wordt door sommigen wel eens gebradeerd. 

Dirk Osaer: Het is ook natuurlijk wel het verhaal van ‘schoenmaker blijf bij je leest’.  Je kan vandaag niet meer in alles persoonlijk gespecialiseerd zijn. Wij zouden bijvoorbeeld geen klanten aanvaarden uit de diamantsector, omdat die sector zo specifiek is.

Paul Vissers: Dat klopt wat betreft de lagere tarieven. Wij hebben al wel gehoord dat er bedrijven zijn die de opdracht krijgen van hun raad van bestuur bijvoorbeeld om 20 procent te besparen. In dergelijke gevallen wordt eventueel ook van de externe accountant een inspanning verwacht. Maar in de regel mogen wij niet klagen en is de uitspraak vanuit Nederland niet op ons toepasselijk.

Patrick Vanden Bosch: Het is wel zo dat de trouw van klanten iets verminderd is, maar toch nu ook weer niet om ons zorgen over te maken. 

Dirk Noeninckx: Je moet jezelf af en toe ook eens voor de spiegel houden en aan jezelf vragen: zijn we nog wel goed bezig, hanteren we een correcte prijs, leveren we de meerwaarde waar een klant recht op heeft enzomeer. Maar voor wat het aantrekken van nieuwe klanten betreft sturen wij de klanten wel door als zij zich bewegen in een segment dat niet tot onze core business behoort.

Paul Vissers: Hoe kleiner een accountant, hoe moeilijker het is om aan elke vraag tegemoet te komen. Je functioneert altijd als een team. In een groter team zal het makkelijker zijn om meer ervaring op te bouwen in sommige segmenten dan in een kleiner team. Dertig jaar geleden kon je perfect op de hoogte zijn van alles. Nu zijn vele onderdelen van onze taak echt specialisatie.

Bart Apers: Zeer kleine bedrijven kunnen zeer soepel tewerk gaan, maar het is vandaag onmogelijk om in alles gespecialiseerd te zijn. 

Brian Vintioen: Wij moeten het toch meer van mond-aan-mondreclame hebben, zoals reeds gezegd.

Dirk Noeninckx:  Voor de kmo is het zeer belangrijk dat hij een vaste persoon heeft die al zijn belangen behartigt. Wij geven hem die vaste persoon. Dat wil niet zeggen dat die vaste persoon zelf alle kennis moet hebben, maar hij is wel het unieke aanspreekpunt voor de ondernemer.

Luc Sterkens: Dat brengt ons tot het tekort dat we hebben aan nieuw bloed. Vandaag zijn er mogelijk 10.000 beoefenaars van ons beroep. Wat gaat dat binnen tien jaar zijn? Er is behoefte aan nieuw bloed. 

Dirk Noeninckx: Je kan de aantrekkelijkheid van het beroep alleen maar oplossen door nog verder te gaan in de automatisering, in het elektronisch bijsturen van de taken, zodat er tijd vrij komt om onze adviesfunctie op een ernstige manier uit te oefenen

Patrick Vanden Bosch: Werken met software is ook zoveel leuker en dat moeten we meegeven naar de jongeren toe.

VRAAG 4

Wat vinden de panelleden van o.a. EVA online, een online boekhoudpakket, en de nieuwe samenwerkingsmogelijkheden die bestaan tussen boekhouders en kmo-klanten, dankzij deze online tools?

Thierry De Vos: De evolutie van de online tools is van die orde, dat er altijd maar meer en meer mogelijk is, dat de klassieke routineklussen overgenomen worden door programmatuur enz. De nieuwe producten ontstaan ondermeer onder impuls van de snel wijzigende wetgeving. De toptechnologie die vandaag tegen een redelijke prijs aangeboden kan worden, laat boekhouders toe om meer adviserend op te treden, terwijl hun klanten een deel van de transactionele taken via een betaalbare onlineoplossing kunnen overnemen.

Patrick Vanden Bosch: Ik vind dit een goede evolutie. Online werken is niet nieuw en dat kan ook in ons beroep perfect  gebeuren in overleg met de klanten. 

Dirk Noeninckx: Het zijn de banken die ons geleerd hebben van online te werken. Wie van ons vult nog manueel zijn overschrijving- of stortingsformulieren in? Voor wat boekhouding betreft zal het niet anders zijn of worden. Ook de overheid werkt in deze richting.

Dirk Beunen: Principe is hier voornamelijk dat de klant kan bepalen wie wat doet. Hierdoor kan de minder interessante component (nl. de input) verschuiven naar de klant, waardoor de accountant meer tijd kan vrijmaken voor advisering aan de klant.

VRAAG 5

Zeer kleine ondernemingen kunnen worden vrijgesteld van de verplichting om een jaarrekening op te stellen nu de Europarlementsleden in maart jl. een wijziging van de Europese boekhoudkundige regels hebben goedgekeurd. Het zijn de EU-lidstaten echter die de vrijstellingen zouden kunnen verlenen, afhankelijk van de impact die de richtlijn in hun land zou kunnen hebben. In ieder geval zouden de ondernemingen nog wel dossiers van hun zakelijke transacties en financiële situatie moeten bijhouden.  Wat denken de andere panelleden hierover?

Dirk Beunen: Ik sta daar sceptisch tegenover. De kost zal eerder opgedreven worden dan verminderd. Meerdere stakeholders zullen enige vorm van standaardrapportering wensen en er bij de accountant dus op aandringen om hiervoor in een rapportering te voorzien. Jaarrekeningen zijn zeer leerrijk voor vele partijen. Onder andere banken, maar ook de fiscus verwacht gestandaardiseerde informatie te krijgen van bedrijven, volgens een patroon dat zij opstellen. 

Dirk Noeninckx: Volgens Unizo wordt het ook veel duurder voor de kmo’s. Bovendien biedt het geen toegevoegde waarde.

Patrick Vanden Bosch: Je hebt vaste formats nodig.

Luc Sterkens: Vaste formats die in Duitsland bijvoorbeeld kunnen verschillen van bank tot bank. 

Eddy Dobbelaere: Met andere woorden: niet afschaffen!!!

Dirk Osaer: Een accountant wordt meer en meer een strateeg, meer een denker dan alleen maar een invuller van bepaalde kolommetjes. Zo kan je je ook onderscheiden van een ander.

Bart Apers: Het klopt dat we alsmaar minder puur boekhouder zijn en alsmaar meer adviseur in de te volgen strategie van een bedrijf. 

VRAAG 6

Tax Shelter is stilaan een volwaardig fiscaal product. De regeling voorziet belangrijke voordelen als een onderneming investeert in de productie van een erkend audiovisueel werk. Op 1 januari 2010 is het fiscaal regime aangepast. Zijn er panelleden die ervaring hebben met tax shelter? Is het een veilig systeem voor de bedrijven?

Dirk Noeninckx: Het is een veilig systeem, maar slechts een klein deel van de kmo-markt wordt er door aangesproken. 

Brian Vintioen: Het moet beschouwd worden als een investering, ter vervanging van de voorafbetaling.

Patrick Vanden Bosch: Wij zien het alleen bij ondernemingen die grote winsten maken en dan nog zelden voor bijzonder grote bedragen. 

Paul Vissers: Het is interessant op voorwaarde dat men tijdig over de vereiste attesten kan beschikken. Het is dus zaak van af te spreken met de juiste partners.

Dirk Beunen: We moeten het eerder als een financieringsproduct, een beleggingsproduct zien. Het behoort tot onze opvoedkundige taak om ook hierin onze klanten op de juiste manier te adviseren en te begeleiden. 

VRAAG 7

De overheid doet (schuchtere) inspanningen om elektrische voertuigen fiscaalvriendelijker te behandelen. Zo kan u bij aankoop van een elektrisch voertuig sinds 1 januari 2010 genieten van een belastingsvermindering. Heeft het panel de indruk dat het bedrijfsleven hiervan een prioriteit wil maken?

Eddy Dobbelaere: Het is een nieuwigheid en voor de werknemer de grootste stap, terwijl het anders eerder voor de werkgever belangrijk is. 

Dirk Noeninckx: Het kan belangrijk worden, maar het systeem staat nog te zeer in zijn kinderschoenen. Maar als de overheid groene zones zou voorzien waarin elektrisch rijden aangemoedigd wordt, dan zouden we al een stap verder staan. Het is zondermeer toekomstmuziek en de fiscale stimulans zal een van de belangrijkste redenen zijn waarom een bedrijf die evolutie mee volgt. Ondernemingen gaan hierin mee als zij overtuigd zijn van het belang voor ons milieu en hierdoor zowel intern als extern een signaal wensen te geven.  Bij ons, KPMG, wordt hiervoor intern campagne gevoerd. 

Dirk Osaer: Wij ondersteunen alle initiatieven van de overheid die bijdragen tot een beter milieu. Daarom stellen wij ook auto’s ter beschikking aan onze werknemers met een minimum aan CO². 

Paul Vissers: Het is een kwestie van ondersteuning, van subsidies, net zoals dat bij zonnepanelen het geval is. 

Luc Sterkens: Als er op een dag een gebruiksvriendelijke elektrische wagen komt tegen een aanvaardbare prijs en dat het vergezeld wordt van een fiscale aanmoediging dan is dit zeker toekomstmuziek. 

VRAAG 8

Wat kunnen we onze kmo’s nog aanraden om doeltreffender en aangenamer met hun accountant samen te werken?

Patrick Vanden Bosch: Ik zou graag hebben dat de bedrijven en de toekomstige beoefenaars van ons beroep een andere perceptie hadden van het beroep. We zijn geëvolueerd van klassieke boekhouder naar een adviserende functie die aan de hand van de cijfers strategisch meedenkt met de klant.

Dirk Osaer: Verwacht van uw accountant dat hij meedenkt met u m.b.t. de toekomst van uw onderneming. Hij moet niet alleen iemand zijn die het voorbije boekjaar vastlegt in een jaarrekening met optimalisatie van belastingen maar ook iemand die samen met u meedenkt over de te volgen “strategie”  van uw onderneming .

Paul Vissers: Naast het commerciële is het belangrijk dat de bedrijfsleider – en gelukkig is dit omwille van de vorming thans meer en meer het geval – een inzicht heeft in de cijfers van zijn bedrijf.  Hij dient niet alleen een idee te hebben van de saldi van zijn bankrekening maar ook van de relevante gegevens waarvan die saldi het resultaat zijn. In de mate van de interesse en de mogelijkheden van hemzelf en zijn personeel kan hij zijn administratie al dan niet en in meer of mindere mate uitbesteden. Onontbeerlijk is echter dat hij, gezien het steeds sneller wijzigende administratieve en fiscale landschap, minstens eenmaal per jaar een bespreking heeft met zijn accountant over zijn bedrijfsvoering. Dit om te vermijden dat hem enerzijds bepaalde veranderingen zijn ontgaan waardoor hij zich blootstelt aan boetes en verhogingen en anderzijds om te voorkomen dat hij bepaalde incentives onbenut laat. 

Bert Apers: We kunnen meer als een pro-actieve accountant (adviseur) optreden, indien er een volledige open communicatie plaatsvindt met de klant. Hoe meer informatie de klant ons bezorgt, hoe beter wij hem kunnen adviseren.

Thierry De Vos: Het leven van de kmo en de accountant/boekhouder kan heel wat simpeler als ze beiden op hetzelfde softwareplatform werken.

Eddy Dobbelaere: Het is opmerkelijk dat de dames voor het beroep van accountant weinig aan bod komen en quasi niet vertegenwoordigd zijn. Ook in dit panel. Mijn echtgenote is zelfstandig boekhouder en ik stel vast dat de interesse meer naar de HR-kant van het boekhoudberoep overhelt in plaats van naar het puur technisch boekhoudkundig aspect. Dat is naar mijn mening een belangrijke insteek, want voor een zelfstandige die een eerste werknemer aanneemt komt er toch heel wat kijken. Het is daarbij absoluut niet de bedoeling om het sociaal secretariaat te vervangen maar veeleer om de zelfstandige te begeleiden.

Dirk Beunen: De accountant moet kunnen gezien worden als dé expert in kmo – begeleiding. Het beroep van accountant is nog altijd een knelpuntberoep. Hoe kunnen we daar verandering in brengen? Je moet als accountant zelf het initiatief nemen en naar de studenten toegaan, bijvoorbeeld op jobbeurzen en hen zelf zo veel mogelijk enthousiasmeren.

Interview: Freddy Michiels
Foto’s: Luc Peeters/Pixelshop

Webdesign Desk02